item 1867 (m)

Canon Winsums Jodendom
.
. x.   . x.   . x.   . x.   . x.
.

.
. x.   . x.   . x.

.
.

M E E R  over  I T E M  1867
.

thema: Rituelen
.

terug naar introductie item 1867: klik hier
.
interview
met nakomeling Noach Benninga
klik hier
.
overzicht
 Canon Winsums Jodendom:
 klik hier

.

.

.X.

.1867.

De introductiepagina van item 1867 bespreekt Joodse rituelen rond huwelijk, geboorte en overlijden. Deze vervolgpagina gaat in op verschillende locaties van Joodse begraafplaatsen in de provincie Groningen, met speciale aandacht voor de Joodse begraafplaats van Winsum en de rol van het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap, NIK.

.

.X.

.

In Farmsum bij Delfzijl ligt de oudste Joodse begraafplaats van de provincie Groningen.

Begraven in de mediene
In 1655 krijgt Isac Samuels een vergunning om zich in Delfzijl te vestigen. Op die vergunning staat de toezegging van de gemeente dat ‘de Joden hun doden op een behoorlijke plaats mogen begraven.‘ De Joodse gemeenschap van Delfzijl krijgt daartoe de beschikking over een stuk grond in het nabijgelegen Farmsum. Men neemt aan dat de grond voor de Joodse begraafplaats daar tussen 1655 en 1680 is aangekocht. De Joodse begraafplaats van Farmsum geldt als de oudste van de provincie Groningen. In de stad Groningen is vanaf 1747 een Joodse begraafplaats beschikbaar op een van de verdedigingswerken van de stad. Tot die tijd begraven de stadse Joden hun doden in Appingedam, Oude Pekela of Leeuwarden (waar de Joodse Gemeente al in 1670 grond aankoopt op het Bolwerk bij de Oldenhoof). In 1783 krijgt Leek een eigen begraafplaats en veertien jaar later Winschoten.

.
.
.
.
.
.
.
.
joodse
begraafplaats
te leens

.

Kleine Joodse gemeenten in de provincie Groningen
Volgens het landelijk vastgestelde Ringreglement uit 1821 moet er op plaatsen waar een ring- of bijsynagoge gevestigd is, ook een Joodse begraafplaats komen. De Joden in de kleinere Joodse gemeenten in Noordwest Groningen weten hun eigen Joodse begraafplaatsen echter pas in de tweede helft van de 19e eeuw te  realiseren: Winsum in 1867, Leens in 1878 en Warffum in 1885. Tot die tijd laten Joden zich bij voorkeur op de nabijgelegen Joodse begraafplaatsen begraven, veelal in de stad Groningen.

.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.

zorgvuldige bewaarde
houten  grafborden

op joodse begraafplaats leens

linker houten grafplank: Izaäk van Geuns (Zoutkamp 1839 - Ulrum 1913) rechter grafplank: Jacob van Geuns (Zoutkamp 1824 - Zoutkamp, 1912)

.
.
.
.
monument-status

.
.
.
.

Stenen Archief v/h NIK (screenshot 2017)

Joodse begraafplaats Winsum

De Joodse begraafplaats van Winsum valt vooral op door de bijzondere brug met het fraaie toegangshek. Min of meer bij toeval stond deze Joodse begraafplaats in 1969 aan het begin van het naoorlogse onderzoek naar de geschiedenis van de Joodse gemeenschappen in de provincie Groningen. Sinds 1988 hebben begraafplaats en hekwerk aan de voormalige Munsterweg naar Onderdendam bescherming in het kader van de Monumentenwet. Deze waardering is toegekend:
•  omdat het een kleine Joodse begraafplaats betreft uit de tweede helft van de 19e eeuw;
•  als relict van en als herinneringswaarde aan de Joodse gemeenschap van Winsum;
•  vanwege de hoge mate van gaafheid;
•  vanwege de landschappelijke ligging buiten de bebouwde kom.

Na de oorlog is de begraafplaats eigendom geworden van het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap (NIK) in Amsterdam. Het NIK heeft ook een volledige beschrijving van alle stenen op de begraafplaats gemaakt, met daarbij een foto uit de tijd dat de begraafplaats net was opgeknapt en alle stenen weer goed leesbaar waren. Ook in de toekomst blijft zo'n opknapbeurt van tijd tot tijd noodzakelijk, maar de gemeentelijke overheid verzorgt uitsluitend het onderhoud van bomen en gras. De NIK-beschrijvingen zijn wel opgenomen in het 
Stenen Archief en vormen zo een waardevol, verbindend dossier voor kleine Joodse begraafplaatsen waar het risico van beperkt onderhoud zich aandient. Naast Winsum zijn van de provincie Groningen ook de Joodse begraafplaatsen van Bellingwolde, Bourtange, Grijpskerk, Leek, Leens, Loppersum en Warffum volledig geïnventariseerd. Toch zal, ondanks deze digitaal beschikbare informatie, de vraag om professioneel onderhoud van deze oude Joodse begraafplaatsen vanuit de lokale bevolking opnieuw blijven klinken. Daarmee dient zich ook de noodzaak aan tot overdracht van kennis over het onderhoud van deze oude kwetsbare grafstenen.

Aankoop van de grond
We keren even terug naar het begin. Meijer Benjamins van Berg, Samuel de Vries en Hartog de Vries kopen namens het bestuur van de Joodse Gemeente Winsum op 21 februari 1866 voor 800 gulden grond aan de Winsumermeeden om een begraafplaats op te richten. Er staat ook een huis op die grond en dat deel van de grond verkopen ze korte tijd later weer. Het resterende deel is voor de begraafplaats bestemd. Als er in de zomer van dat jaar ook in Winsum een snel om zich heen grijpende cholera-epidemie uitbreekt, worden veemarkten afgelast en stagneert de handel. De ziekte eist 53 mensenlevens. De zorgelijke situatie betekent dat de Joodse gemeenschap haast maakt met de definitieve inrichting van de begraafplaats. In 1867 en 1868 worden er bomen geplant, maar al in het vroege voorjaar van 1867 wordt een eerste dode begraven. Het betreft (01) Comprecht de Vries (1799-1867), landbouwer te Wetsinge, zoon van stamvader Izaäk Nathans de Vries.

Inrichting van de begraafplaats en betreding
Zie onderstaande schematische weergave en klik op de afzonderlijke nummers voor de gedetailleerde informatie van het Nederland Israëlitisch Kerkgenootschap. Voor de NIK-overzichtslijst van de joodse graven in Winsum: klik hier 

Bezichtiging kan na afspraak met gemeente Het Hogeland (dependance gemeentewerken Winsum aan de Schouwerzijlsterweg). De teksten op de grafstenen zijn meestal in het Hebreeuws geschreven. Vaak begint zo'n graftekst met de Hebreeuwse letters PN of PT, wat hier rust betekent. De tekst eindigt met de letters TNSBH: Moge zijn/haar ziel gebonden zijn in de bundel der levenden. Naar Joods gebruik bedekken de mannen bij het betreden van een Joodse begraafplaats hun hoofd uit eerbied voor de Allerhoogste. Op sjabbat (zaterdagen) en tijdens Joodse feest- en treurdagen heerst er grafrust en betreedt men de Joodse begraafplaats niet.

.

.
.06. . .05.
.12.
 . .....
.22. . .21.
.35. . .34.
.48. . .47.
.
.
.

.<  hek.

.

.
.04. . .03.
..... . .11.
.20. . .19.
.33. . .32.
.46. . .45.
.
.
.
.

.

.
.

.10.
. .....
.

.31. . .30.
.44. . .....
.

.
.
.

.

.
.

.18. . .....
.29. . .....
..... . .43.
.
.
.
.

.

.
.

.09.
. .....
.17. . .16.
.28. . .27.
.42. . .41.
.
.
.

.

.

.
.

.
.17. .
 .15.
.2    . .26.
.40. . .39.
.
.
.

.

.

.
..... .
 .02.
.
08. . .07.
.14. . ......
.25. . .24.
.38. . .37.
.
.49. . .....
.
.50. . .....

.

oost.^
.01. . .02.
.
07.. .......
.13. ......
.23. . .24.
.36. . .37.
.
.49. . .....
.
.50. . .....

.

.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.

rijksmonumentenlijst

.

Het echtpaar de Vries-Boasson van de wol- en huidenhandel
Ruim veertig jaar na de inrichting van de begraafplaats schenkt (27) Betsy de Vries-Boasson (kort tevoren weduwe geworden van (26) Hartog de Vries van de wol- en huidenhandel aan de Hoofdstraat-W 40/44) een mooi en kostbaar ijzeren hek en een loopbrug voor de begraafplaats. Betsy en haar man zijn al negen jaar daarvoor in de stad Groningen gaan wonen, maar ze voelt zich kennelijk nog erg verbonden met het Winsums Jodendom en verkiest voor haar man en later ook voor zichzelf een plaatsje op de Joodse begraafplaats van Winsum. Ze doet deze schenking ter herinnering aan haar man, die jaren voorzitter is geweest van de Joodse Gemeente Winsum. Hoewel er op Joodse begraafplaatsen doorgaans geen plaats is voor verschil in rang of stand, is het voor het echtpaar de Vries-Boasson ingerichte dubbelgraf hier toch de uitzondering die de regel bevestigt. De staande stenen zijn afwijkend van vorm en de door een ijzeren hekwerk omrande marmeren platen op hun graven liggen horizontaal. De plaat van Hartog de Vries, in het Hebreeuws aangeduid als Naftali, is inmiddels verdwenen.

Twee opvallende stenen
De oudst bewaard gebleven grafsteen is de steen van (01) Comprecht Izaäks de Vries (1799-1867) en de jongste steen is de steen van (49) Roosje de Vries (1889-1941), dochter van Abraham de Vries en Naaytje de Vries-de Vries uit Wetsinge (17) Abraham de Vries (1848-1933) woonde met zijn nog jonge kinderen achter de Westerstraat, nabij de Obergumerkerk. Zijn vrouw overleed kort na de geboorte van hun jongste dochter Betje. Hij was ritueel slachter en trad op als voorzanger in de synagoge. In het dorp staat hij nog bekend als de laatste rebbe van Winsum. Op zijn grafsteen staan twee zegende handen, als teken van zijn priesterlijke waardigheid. Aan de begrafenis van zijn dochter Roosje de Vries in december 1941 zijn nog lang herinneringen in Winsum bewaard gebleven.

Negentien Joodse familie
Negen echtparen liggen naast elkaar. Dit betekent waarschijnlijk dat de langstlevenden tijdig de grafplaats naast hun overleden echtgenoot of echtgenote hebben gekocht. Joden met de naam Cohen vertegenwoordigen de 'kohaniem', de priesters, en stammen af van Mozes' broer Aäron. Zij mogen niet op begraafplaatsen komen omdat zij daar hun reinheid zouden verliezen. Daarom zijn ook in Winsum de drie graven van Cohens aan de rand van de begraafplaats gesitueerd, zodat hun familieleden het graf kunnen bezoeken zonder de begraafplaats te betreden. Zoals de steen van (02) Roosje Cohen (1816-1905) de vrouw van Comprecht de Vries. Sommige grafstenen dragen een versiering in de vorm van een treurboom of rouwtak.

Aanvankelijk wordt de Joodse begraafplaats van Winsum regionaal gebruikt. Van de graven waarvan bekend is wie er begraven liggen, is ongeveer de helft bezet door overledenen uit dorpen buiten Winsum, zoals Bedum, Eenrum, Leens en Ulrum. In de regio Noordwest Groningen komt in 1878 een tweede Joodse begraafplaats tot stand in Leens en in 1885 volgt een derde begraafplaats in Warffum. Op de begraafplaats in Winsum zijn 49 graven met grafstenen aanwezig en geschat wordt dat er circa 25 grafstenen verloren zijn gegaan. De grafstenen zijn veelal gelijk van vorm, maar door weer en wind soms scheef weggezakt. Veel nakomelingen van de in totaal negentien familienamen die we op de Joodse begraafplaats tegenkomen zijn er niet, maar de dames Van Berg bezochten de begraafplaats in 2011, de Benninga’s kwamen er met tussenposen een kijkje nemen en de kleinzoon van rebbe de Vries? We vragen het hem als hij aan het woord komt bij item 1879 van de Canon Winsums Jodendom.

terug naar introductie item 1867: klik hier
.
interview
met nakomeling Noach Benninga
klik hier
.
overzicht
 Canon Winsums Jodendom:
 klik hier

verder naar het volgende item: klik hier

.

.X.   .X.   .X.   .X.   .X.   .X.   .X.   .X.   .X.   .X.   .X.   .X.   .X.